Bereikbaar

Met veel plezier schrijf ik over geneuzel wat ik meemaak. Soms kijkend over de schouder van een ander, soms vooraan staand bij de dingen die er toe doen. Dan weer over zaken die totaal onbelangrijk zijn, maar wel leuk om er op papier over te zeiken en te ouwehoeren. Heerlijk vind ik dat om te doen. Zou ik niet schrijven, dan moet ik proberen teveel leuke dingen te onthouden om hierover later ooit nog eens te kunnen vertellen.

Je moet het willen zien.

Op mijn dooie gemak rijd ik met de auto door het dorp. Hierbij passeer ik regelmatig bushaltes. Bij de verschillende bushaltes die ik passeer staan reizigers te wachten tot de bus arriveert. Wat mij opvalt zijn die reizigers. Allemaal met het hoofd omlaag. Kijkend op hun mobiele telefoon. Een toeterende auto wordt niet eens opgemerkt. Allemaal zijn die reizigers verzonken in hun telefoon. Twitter, Snapchat, Facebook, Badoo, Tinder of God mag weten welke app heeft hun aandacht. Niemand praat met elkaar. Vind ik ook zoiets; Facebook, een mooi medium waardoor ik met overzeese familie alweer een tijd contact heb. Ik zie op foto’s en berichten hoe het mijn oom, tantes, neven en nichten vergaat. Maar als ik dan de keerzijde van de medaille bekijk; ik krijg van de meest onbekende mensen uit zowat elk deel van de wereld vriendschapsverzoeken. Of ik met hen ‘ vrienden’ wil worden. Geen idee waarom die mensen met mij bevriend willen zijn. Zij spreken mijn taal niet, ik die van hen niet (mijn Swahili is de laatste tijd slecht te noemen). Iedereen leeft maar op de automatische piloot. Dat deed ik zelf overigens ook. Zeker in dit nieuwe jaar ben ik bewuster gaan leven, bewuster gaan nadenken. Ik ben dankbaarder geworden voor hetgeen ik mijn ‘ bezit’ mag noemen. Het woord ‘ bezit’ is hier eigenlijk relatief. Maar als je je bewust bent hoe gezegend je eigenlijk bent, sta je toch weer met beide benen op de grond in het leven. Laat het maar komen zoals het komt, wees er bewust van.

Even terug naar het leven met het gezicht naar beneden, kijkend uitsluitend naar al die app’s op de telefoon. Ook zoiets door uitsluitend snel te reageren en direct door te gaan naar een ander bericht of app maak je soms snel schrijffouten die nogal knullig overkomen. Zo las ik van een vrouw dat ze het fijn vond dat ze op die bewuste pagina ‘gelikt’ wilde worden. Dan zou haar pagina meer mensen trekken. Ja, dat kan ik mij dan wel voorstellen.

Ik denk terug aan zo ongeveer 1993, het ontstaan van de mobiele telefoon. Was je een echte zakenman, dan had je een mobiele telefoon. Zo’ n grote accu, loodzwaar, met een grote telefoonhoorn. De eerste auto’s werden uitgerust met een telefoon die je op de haak kon gooien. De meeste jonge mensen weten niet eens hoe een bakeliet telefoon eruit zag. Daarna kregen we de Kermit, een platte mobiele telefoon, die je van greenpoint naar greenpoint moest brengen. Alleen bij zo’n greenpoint was een antenne waar je bereik had. Later kregen we van allerlei merken zaktelefoons. Hiermee kon je uitsluitend bellen. Later kwam hier het sms-en bij. Denk maar eens aan die beruchte Nokia 3310, wie had hem niet. En nu, nu kunnen we zo te zien niet meer zonder. Ja natuurlijk vind ik een mobiele telefoon handig. Echter, af en toe vind ik het een straf. Standaard als we met vakantie zijn zet ik dat ^%%$#-ding uit en lever ik het bij MijnLief in. Onbereikbaar voor iedereen die geen familie is!

Ook zoiets; stel je eens voor dat je in plaats van reageert met een duimpje, hartje, boze- of trieste-emoticon gewoon eens life tegen mensen aanpraat. Stel je gaat langs bij je buren in de straat om je kleinkind te laten zien of je komt met je geweer aan de deur. Ik vraag mij dan af of er ook een duim omhoog gaat. Je buurman staat de auto te wassen en je loopt naar buiten en roept ” Vind ik leuk”. Volgens mij komen dan die mannen in witte jassen je ophalen en doen ze je een pyjamajasje aan waarvan de mouwen op je rug vastgemaakt kunnen worden en nemen ze je mee om ergens te gaan logeren. Tja, dan ben je even niet ‘ bereikbaar’.

Advertenties

Terug in de tijd

Terwijl ik zo wat verhaaltjes zit terug te lezen moet ik ineens denken aan met vakantie gaan naar Frankrijk, maar dan een paar honderd jaar geleden. Hoe zou dat zijn gegaan? Nu informeer je per telefoon of per internet of het gewenste bungalowtje, hotelletje of de bewuste campingplaats nog beschikbaar is. Of  je boekt je een vakantie per internet. Per vliegtuig of per auto zit je in een paar uurtjes op je geboekte vakantieadres. Voor diegene die niet in één keer de rit per auto willen maken is er de mogelijkheid om ergens halverwege een hotelletje of een bed & breakfast te pakken die weer van alle gemakken voorzien zijn.

Bij aankomst wordt per mobiele telefoon, hetzij mondeling hetzij per sms, aan het thuisfront gemeld dat je goed en veilig bent aangekomen. Daarna neemt een ieder een verfrissende douche. Per auto ga je nog even naar een hypermarché om daar de boodschappen voor de komende dagen in te slaan. Het vlees en de andere bederfelijke waar wordt netjes in de koelkast of het vriesvak bewaard. Met een boot met jetstreamaandrijving bekijk je in een paar uurtjes de volledige kustlijn van je vakantieadres. Je maakt de nodige foto’s en video-opnamen om je familieleden thuis te laten zien hoe mooi het was tijdens die verre vakantie.

Bij thuiskomst melden we via MSN, Twitter, Facebook of  Hyves aan vrienden en familie hoe het geweest is. Allemaal snelle en moderne verbindingen die we niet meer uit ons dagelijks leven weg kunnen denken. Hoe anders was dit in de middeleeuwen. Ik stel mij het dan als volgt voor:

Als je richting Frankrijk ging moest je zorgen voor een schoudertas, een zadeltas en een warme deken. Je zwaard en je mes had je in een schede om je heup hangen. Je wist tenslotte maar nooit wat je onderweg tegenkwam. Met wat proviand voor de eerste dag ging je dan des ochtends onderweegsch. Na een rit van zo’n veertig kilometer langs velden met hop en gerst werd er gestopt. Het rosch (met ch) was moe en bezweet en uzelve ging het lopen na het afstijgen ook niet geheel moeiteloos, dan liep ge het eerste uur, laat ik maar zeggen, ‘met-je-armen-wijdbeens’. Het paard werd aan de boom geknoopt. Tegenwoordig doen ze dat op een iets andere manier met een hond die overbodig is geworden, maar goed. Je moest in het buurtschap waar je was aangeland eerst zoeken naar een herberg. Je bestelde bij de waard van de herberg een pul bier en laafde je enorme dorst. En passant vroeg je de waard of hij onderdak voor de nacht had. Gelukkig bleek dit het geval te zijn.

In deze herberg liepen ook de nodige deernen rond met een decolleté waar de rondingen praktisch uit de jurk vielen. Zeker longontsteking gehad, want de longen hangen zowat uit hunnen jurkjes. De waard vroeg beleefd of je zin had in nog enen pul bier, een bord stoofvleesch en een ’warm bed’ als u begrijpt wat ik bedoel. Je bent tenslotte alleen op reis. Na de onrustige nacht duwde je dan je hoofd in een drinkbak die buiten stond. Met dit koude water waste je lekker je gezicht. Er werd bij de waard afgerekend en je vervolgde je weg weer richting het zuiden. Onderweg werd op een met gras begroeid weggetje je leven bedreigd door twee onverlaten die beide vervaarlijk met een sabel in jouw richting zwaaiden. Gelukkig had je veel ervaring in het zwaardvechten en werden deze schurken met een paar wel geplaatste steken dood achtergelaten samen met wat andere stukken afval. Na ongeveer vijftig kilometer voelde je je rug en je achterwerk aardig branden van de inmiddels ongemakkelijke houding in het zadel. Je zat tenslotte heel de tijd ‘met je armen wijdbeens’. Wederom werd er een herberg aangedaan. Opnieuw was er gelukkig weer plaats. En ook nu was het bed warm, niet door de elektrische deken, maar door een vrouwen lichaam. Haar naam wist je nog niet. Toch maar even vragen, dat was wel zo netjes. Ach, ze bleek nog maar zeventien jaar oud te zijn. Lekker jong en fris dus. Op die manier kon je haar nog wat dingen leren, was je gelijk maatschappelijk verantwoord bezig. De volgende dag in de vroege ochtenduren sprong je even in de sloot om je even goed te wassen. Het kroos veegde je netjes weer van je hoofd. Even alles droogmaken. Schoon! Eenmaal aangekleed nam je het gekochte stuk brood en at je dit in het zadel samen met het restant van het geroosterde konijn die je gisteren gevangen had. Gelukkig nog maar 1260 kilometer, ongeveer 31 dagen rijden, het schoot al op!

Na 30 dagen bereikte je de streek waar je ‘vakantie’ wilde vieren. Langs het zandpad stond een enorme muur met daar achter een grote hoeveelheid wijnranken. Rustig dirigeerde je het paard richting het in de verte zichtbare huis. Even later rende een vrouw huilend en gillend tussen de wijnranken door richting het huis. Je riep nog: ”Deerne, waarom schreit gij?” Wel beeld, maar geen geluid zal ik maar zeggen. Geen antwoord. Halverwege het pad kwam een man met een zwartkruit geweer naar je toe. Het geweer werd op je gericht en de man zei: ”Bonsoir. Comment vous appeler? Ou est votre compagnon de voyage?” (Goedenavond. Hoe heet u? Waar is uw medereiziger?). Maar ja, je verstond geen woord van wat die man zei. Gelukkig wist je de man te overtuigen dat je geen kwaad in de zin had en mocht je in het hooi blijven slapen… samen met de deerne die eerst huilend en gillend voor je weg rende. Hè,… heerlijke vakantie. Na twee weken besloot je weer terug te gaan naar Den Nederlanden, een terugreis van 31 dagen met de nodige gevaren. Als je na 77 dagen weer op het kantoor van de schout terugkeerde zag je dat er iemand anders achter jouw katheder stond. Vreemd, je bent tenslotte maar twee weken in Frankrijk geweest. En even een facsimile (fax) versturen ging niet!

Hoe zou dat geweest zijn in de prehistorie? Je kwam thuis ‘van je werk’ en trof je vrouw in je grot aan. Dan gromde je ten teken dat je thuis was naar haar terwijl zij boven een houtvuur in de grot een holenbeer aan het roosteren was? Zij gromde terug ten teken van begroeting. Dan gromde je twee keer en dan kreeg je een bordje warme holenbeer of zo iets? En als je wilde slapen sleepte je haar aan haar lange haren mee een grot in, lekker warm. En je maakte een krijttekening om een bericht achter te laten.

Interniet

Vroeger; wat klinkt dat belerend, vroeger, toen alles nog op papier ging. Toen de school nog een krijtbord gebruikte. Vroeger, toen alles nog in schriften, kasboeken en dagboeken werd geschreven. Omslachtig eigenlijk, maar mooi. Nostalgie…

De boekhouding doe ik met software wat ik per e-mail met mijn boekhouder uitwissel. Tegenwoordig verstuur ik mijn facturen ook al weer een tijdje via e-mail.

Even een workshop of evenement aanprijzen, per internet via Facebook, LinkedIn en Twitter. Filmpje kijken of radio luisteren, jawel, via internet. Social media met de verschillende accounts. Zo is er LinkedIn, Facebook, Hyves, Plaxo, Xing, Netlog, MySpace en ook Pinterest. Via deze media kun je in contact komen of blijven met oud-klasgenoten of met oud-collega’s. Of met buren van vroeger. Internet heeft het helemaal gemaakt in deze wereld.

Kaartjes bestellen voor theater of bioscoop, internet. Rookoven kopen, per internet. Schoenen, ja, internet. Bankzaken: internet. Telefoneren, of nee, Skyp moet ik zeggen, via: juist internet. Wat doen we niet via en met internet?

Internet is het medium. Modern, snel, scherp, accuraat.

De jeugd gaat mee met deze ontwikkelingen. Laatst zag ik ook een meisje zonder maar op haar mobiele telefoon te kijken een berichtje intypen en versturen. Want ook dat kan, mobiel een bericht op Facebook zetten.

De jeugd heeft zelfs zijn eigen taal, straattaal, ontwikkeld. Mijn zoon heeft zelfs een bijbelboek van Matheüs in straattaal: ‘De torri van Matti. Af en toe heb ik geen idee wat ik lees of hoor. ‘Als ze die duku passen, dan komt het goed’. ‘Heb je nieuwe pattas gekregen? Loopt beter he?’.

Arghhhh, het internet ligt er weer eens uit. Een goede internetverbinding hebben we, dat wel, maar door de enorme isolatie en de betonnen muren en vloeren knalt mijn draadloze verbinding er weer eens uit. Ik word er werkelijk schijtziek van. INTERNIET!

Normaal gesproken verzend ik mijn facturen per e-mail. Tja, dat lukt nu niet. Van nijd heb ik net twee facturen uitgeprint, in een envelop gefrot en op een holletje naar de brievenbus gebracht. Zelfs dat uitprinten ging met horten en stoten. Druk ik op print, krijg ik een melding dat het papier op is. Papier bijgevuld. Als ik dan op print heb gedrukt, krijg ik een PDF-bestand. Blijkt dat ik vergeten was de printer te selecteren.

Och ja, ik heb ook nog een nieuwe telefoon gekocht. Echt, ik moet altijd eerst een tijdje studeren hoe zo’n ding werkt. Ik heb inmiddels al zestien foto’s van mijn oor, van heel dichtbij.

Je schijnt met dit nieuwe mobieltje zelfs te kunnen telefoneren. Het is werkelijk een Godswonder.

Modern wil niet altijd zeggen goed en betrouwbaar. Dat blijkt als er twee netwerken van mobiele telefoonproviders uit de lucht gaan door een brand. Al het telefoon- en mobielinternetverkeer lag plat. Niemand kon bellen, sms’en, whatappen, e-mailen of wat dan maar ook. Tja, dan maar interniet.

workshop Strategische Social Media

Hoort u ook van collega-ondernemers dat zij veel nieuwe contacten opdoen en opdrachten scoren via socialmedia en heeft u het gevoel dat u niet meekomt hierin? Door alle drukte heeft u geen tijd om LinkedIn en/of Twitter eigen te maken. Dus gunt u uzelf een korte training zodat ook u uw netwerk kunt vergroten, dan is deze workshop zeker geschikt voor u.
Op 29 november 2011 van 19:30 – 22:00 uur laat ik u ervaren hoe het mogelijk is om uw omzet fors te verhogen door gebruik te maken van social media. In 2010 lukte het mij om 70% (!) van mijn omzet via social media te verkrijgen.
Deze workshop wordt gehouden in de trainingsruimte van Intentum gevestigd aan de Nieuwe Tiendweg 11-A te Krimpen aan den IJssel.