Trofee

Altijd ben ik op zoek naar een trofee. Altijd maak ik ook vooraf een lijstje met dingen die ik graag wil hebben. Nee, het heeft niets met jagen op wild te maken. Ik ben altijd op zoek naar bijzondere dingen. Die dingen zijn gebruiksvoorwerpen of objecten, van een industriële lamp, een oude locker, een oude buisradio, een metalen uienmand, een waterspuitfles, een oude handkoffiemolen enzovoorts. Maar een bijzondere steen uit een bepaalde streek of een stuk kurk rechtstreeks zelf van de kurkboom gehaald is voor mij net zo waardevol. Altijd heb ik een lijstje bij mij met zaken waar ik blij van word als ik die aan mijn bezit toe mag voegen. Laatst waren dat 5 grote stukken zandsteen uit de Loirestreek, die nu als als deel van onze border dienst doen.

We zijn onderweg naar Montsoreau in de Loirestreek. Ik had gelezen dat hier in het weekend met regelmaat een brocantemarkt moet zijn. We rijden letterlijk langs de oevers van de Loire, een fabelachtig uitzicht. We passeren een camping waar de auto’s buiten de poort tot ver langs de weg aan weerskanten geparkeerd staan. We rijden verder en zien het dorp in de verte. Nog steeds aan weerskanten van de weg staan overal auto’s geparkeerd zelfs op de zebrapaden. Onverwacht zie ik een auto wegrijden die bijna naast de brocantemarkt geparkeerd stond, een buitenkans om toch dichtbij te parkeren en kilometers wandelen besparen. Met een glimlach parkeer ik de Berlingo. Als we uitstappen zien we dat we echt aan het begin van de brocantemarkt zijn. Altijd is het maar afwachten wat het aanbod van de verkopers is. De dingen op mijn lijstje kom ik hier niet tegen. Wel zie ik mooie dingen. Mooie schilderijen van onbekende meesters, mooie koperen scheepslampen, koperen navigatieapparatuur voor op zee, mooi meubilair. Ineens zie ik een doorleefde, industriele metalen stoel. Een groenig patina. Ik vond hem super! Als ik mijn vraag in mijn hoofd repeteer: ‘Combien la chaise, monsieur?’ en aanstalte maak om naar de koopman toe te gaan trekt vrouwlief mij aan mijn mouw. “Niet doen Jan, wat moet je met die pestzooi?” ‘Pestzooi’; zegt ze. Ik zie een prachtige stoel geheel van metaal. Mooi uiterlijk, stevig. “Wat moet je ermee? Waar ga je dat neer zetten?” Dan heeft ze mij. Ik sputter nog wat met: “Ik vind wel een plekje” en “Wellicht staat het prachtig in de tuin”. Het heeft geen zin. Het ‘mag’ niet. Als ik een leuk kastje zie haal ik mij maar niks in mijn hoofd om het ook maar te vragen. Ik weet het, ik ben een heel volgzaam type. Vandaar ook dat mijn naam op de BUITENKANT van de voordeur staat.

Eenmaal thuis en tijdens het schrijven van dit stuk heb ik nog steeds spijt dat ik mijn zin niet heb doorgedreven. Het was een mooie stoel. Ik had er best een leuke plek voor gevonden.

DSCN1868

Advertenties

Nieuwe stap(pen)

Soms kost het nemen van een nieuwe stap even wat meer tijd dan je graag zou willen. Op zoek naar nog meer en een andere ‘qualité de vie’, kwaliteit van het leven. Mijn beweegredenen zijn divers: ik wil meer genieten dan wat ik al doe; ik wil rijden in een bijzondere niet-alledaagse auto; ik wil tezijnertijd een huis in Frankrijk. Ben ik dan veel eisend? Nee toch/ Als je geen dromen hebt, heb je niets meer te wensen.

Ik ga nog even verder. Mijn werkbare uren wil ik op maximaal, en dan bedoel ik liever zelfs wat minder, 40 uur per week houden. Acties die daar verder aan bijdragen zijn bijvoorbeeld nog meer rust brengen in mijn leven. En een aparte uit ziende auto, een oldtimer, die je niet vaak ziet staat ook op mijn lijstje. Al eerder schreef ik over de auto’s die mijn hart sneller doen kloppen en dat zijn geen moderne auto’s.

Het viel ook op toen we laatst in Frankrijk uit eten gingen en er achter ons tafeltje een jong gezin plaatsnam dat er rust heerste. Twee kinderen van 4 en 2 jaar kregen van de papa en mama hun plekje toegewezen. Er werd patatjes met appelmoes voor de kleine meid van 2 besteld en voor het manneke van 4 was de bestelling een hamburger. Ze bleven al die tijd dat pa en moe aan het eten waren zonder morren (lees: gillen) zitten. Er werd niet van tafel gerend. Er werd niet gejengeld. Gewoon zoals het hoort genoten ook de kinderen van de maaltijd.

Noem al het voorgaande een midlifecrisis, dat boeit mij niet. Ik wil wat anders, een andere beleving. Ik wil nog meer genieten van het leven

Ook wil ik al op onderzoek naar een vakantiehuis in Frankrijk. Gewoon alvast een beetje oriënteren, een beetje voorpret. Er is in Frankrijk nog ruimte, er is nog stilte, er is nog beleefdheid, er is minder lichtvervuiling. En ik weet wel, dat is ook niet overal, maar toch. Steeds vaker overdenk ik de mogelijkheden van een vakantiehuis in Frankrijk, maar ook steeds vaker denk ik er aan om daar permanent te gaan wonen. Dat betekent natuurlijk ook polsen hoe vrouwlief er over denkt. Wellicht heeft zij daar totaal geen zin in. Al wandelend komen deze keuzes aan de orde. Al wandelend overwegen we alle opties. Om vervolgens tot de conclusie te komen dat ik het liefste over een jaar ons definitief in Frankrijk wil vestigen en vrouwlief eerst eens wil kijken of een vakantiewoning bevalt. En zo ja, dan als we beiden ons pensioen hebben bereikt nog eens te herijken of we die stap nog steeds willen zetten. Maar dat vakantiehuis zal er best wel komen. Je moet iets gewoon erg willen, dan komt het echt wel goed.

Het witte huis

alette59.jpg

Het witte huis. Zodra iemand daar over begint denk je al snel aan Washington, Amerika. Zodra ik het hoor denk ik altijd direct aan het witte huis, langgerekt en statig staand op de heuvel, uitkijkend op een klein dal en een heuvel er tegenover. Ver weg van alle drukte en commotie. Midden in de natuur van Noord-Frankrijk en zat ruimte eromheen. Altijd geeft deze locatie mij zo’n zalig, kalm gevoel. Rust, ruimte en niks moet, alles mag. Dit huis is een prachtige uitvalsbasis voor lange wandelingen langs beekjes en bossen. Op een klein stukje rijden gezellige plaatsen als Le Touquet-Pais-Plage, Berck-sur-Mer en Montreuil-sur-Mer. Een aantal jaren hebben we hier verschillende keren de vakantie mogen doorbrengen. Alles voelde vertrouwd, het huis zelf, de stranden, de omgeving. De omgeving kende ik inmiddels als mijn broekzak. Ik kende er inmiddels elk speciaal plekje, elk marktje. Vertrouwd, dat is het juiste woord. En ineens kregen we de vraag of wij dit huis wilde kopen. Maar donders, het kwam voor ons een paar jaar te vroeg. Nog een paar jaartjes dan is ons huis hypotheekvrij. Dan is er pas ruimte om weer een financiële verplichting aan te gaan. Het huis werd vrij snel na onze weigering verkocht. Wat rest zijn mooie herinneringen aan mooie tijden. Het huis wordt niet meer als vakantiewoning verhuurd, dus moeten wij omzien naar een nieuw vakantieonderkomen. Ook dat geeft weer nieuwe impulsen. Omzien naar een nieuwe, rustige vakantieplek geeft ook voldoening, want je wordt dan gedwongen te zoeken naar streken die bij je passen. Daar waar de natuur prachtig is en het toerisme nog niet heeft toegeslagen. Daar waar de warmte ook nog wat hoger is dan in Nederland. We hebben nu onze aandacht gevestigd op de Loirestreek met zijn kastelen. Via internet zijn we de omgeving aan het verkennen. Plaatsen als La Rochelle en Nantes worden bestudeert. La Rochelle ken ik nog van een van onze eerdere vakanties. Een mooi en oud stadje aan de Atlantische kust. In ieder geval nog een hoop om ons te verkneutelen.

Onthaasten

Ken je dat; onverwacht toch vakantie? Onverwacht omdat er zaken niet lopen zoals je had verwacht. Onverwacht omdat het om zaken gaat die je zelf niet in de hand hebt, waarbij zorg om anderen preveleert. En dan ineens is de datum van vertrek daar, zomaar ineens, zonder enige aankondiging. De auto en het bagagewagentje worden gevuld. De honden zijn zenuwachtig, eigenlijk net als ik. Vrouwlief heeft alles, maar dan ook alles wat we mee willen nemen ingepakt op 1 ding (of eigenlijk 2 dingen) na: de hondenpaspoorten. Ze heeft zich ongelukkig gezocht. We zijn gewoon maar zonder vertrokken. Op het moment van de sleutel omdraaien is de vakantie voor ons begonnen. De auto start. De motor zoemt en langzaam rijden we weg uit de straat, samen. Even dwalen mijn gedachten naar vroeger, met vakantie met drie kinderen op de achterbank. En nooit ruzie of lelijke gezichten. Of nog erger; zeurende kinderen. Nee, hele CD’s van Bert en Ernie werden woordelijk meegesproken of gezongen. Of met Bassie en Adriaan werd er Spaans geleerd. 16 uur of langer was onze auto ons huisje. De jongste die het altijd gezellig tijdens die lange reis vond als het regende; het getik op het dak van de auto. Nu dus samen, heerlijk. Inmiddels zijn we al een aardig eindje op weg als er een auto met caravan met een snelheid van 120 km/u voorbij raast. Niet veel later begint de caravan vervaarlijk te slingeren, direct gevolgd door het harde remmen van de auto.  Gevolg: een niet slingerende auto met caravan en een bijna kettingbotsing met 6 andere ‘kameraden’. En zo vordert de reis gestaag. De strakke vlakke snelweg heeft plaatsgemaakt voor een glooiend landschap met tarwevelden. Na 4 1/2 uur rijden stuur ik de heuvel van onze vakantiebestemming op. De sleutel verdwijnt in het slot en direct zijn we weer ‘thuis’. De honden zoeken na het snuffelen hun vertrouwde plekje op (Bram, de Teckel ligt graag in een kastje). De auto en het bagagewagentje worden uitgepakt. De spullen krijgen allemaal hun vakantiebestemming. Het bed opgemaakt. Dan volgt de rit naar de hypermarché voor de boodschappen. Ook dat vind ik altijd een fijne bezigheid. Het aanbod van producten is er altijd enorm. Zaken als worst, kaas, rillettes, paté en wijnen zijn favoriet. Langzaamaan begin ik te wennen aan het veranderde ritme van onze dag. De rust daalt in mij neer. Langzaam, maar gestaag. De weidsheid van het landschap. Het uitzicht. Het huis. Het ontbreken van televisie, internet, zelfs een goede telefoonverbinding beginnen langzaam hun effect te sorteren. We nestelen ons op een van de zonnige terrassen. Kopje thee erbij. En dan is er niks, helemaal niks. Geen woord. Alleen het ruisen van de wind in de bomen. Hier en daar een vogel die fluit. Uren verstrijken. We kijken elkaar aan. Een glimlach, maar nog steeds geen woord. Wel een zucht, zo’n diepe. Hier zitten we dan. Het blikveld is zo mooi, zo vredig. Weg van de waan van de dag. Weg van de drukte. Weg van de stress. Weg.

Na het eten besluiten we een wandeling te maken langs onze beek, ONZE, zo voelt het tenminste. Een nieuwsgierige Alette37koe steekt vrolijk zijn kop door de haag. Hoorde ons natuurlijk praten. Weer tijd voor elkaar. Weer meningen betwisten of juist delen. Maar vooral samen genieten, van de natuur, de rust, de ruimte en elkaar. Ik heb Onze Lieve Heer ervoor bedankt.

Dagen verstrijken met lange strandwandelingen, het bezoeken van dorpen en steden, het bezoeken van markten en brocantes, maar ook van een boisson frais-winkel (frisdrankenwinkel). Dat stond in ieder geval op de gevel. In werkelijkheid was het een mega speciaalzaak in de duurdere wijnen, rum, vodka en whiskey. Met duurder bedoel ik eigenlijk VEEL DUURDER. Er staan flessen whiskey in de schappen van 256 euro per fles. En voor dat bedrag is het geen Magnumfles, maar een bescheiden flesje van 0,7 liter. Geweldige winkel, ik kan niet anders zeggen.

De dagen glijden voorbij. Lezen doe ik de rest van het jaar niet, maar menig boek heb ik die dagen versleten: Martin bril, ‘Tout va bien’; Martin Bril, ‘Plat du jour’ en Willem Nijholt, ‘Met bonzend hart’ (over zijn internering in een jappenkamp). Regelmatig keek ik om half tien ’s avonds op mijn klokje of het al tijd was. Tijd om naar bed te gaan. Ik zat helemaal stuk. Ik wist dit dan nog wat te rekken tot tien uur, maar dan was ik echt helemaal potje los. Door de buitenlucht, door de wandelingen, door het onthaasten was ik moe. Moe, maar lekker moe, je kent dat wel. Voldaan. De dagen verstreken en in een glimp was ook deze vakantie weer voorbij. Wat rest is een stuk dankbaarheid dat we het weer hebben kunnen doen. Dankbaarheid voor de fijne tijd. Dankbaarheid naar mijn meissie. Zij moet het tenslotte maar met mij doen. Onthaasten is een proces, dat heb ik wel gemerkt.

Verbazing

Heerlijk weer eens schrijven op papier. De kriebelige hanenpoten, letters en woorden zien er  lekker vertrouwd uit. Daar merkt u niks van, want u leest mijn verhalen via social media, uw e-reader of in het boek. Maar toch, ik ben gek op de papeterie (kantoorboekhandel). Wel raar hoor, in Frankrijk kennen ze allerlei soorten schriften, blocnotes en ander papier, maar je moet echt zoeken naar simpel lijntjespapier. Er is werkelijk van alles aan ander soortig papier: kasboekpapier, wiskundepapier, ruitjespapier, rekenpapier en ga zo maar door. Men schrijft in Frankrijk kennelijk minder brieven of verhalen op papier en gelijk hebben ze. Ik dus wel. Ik heb altijd wel ergens een blocnootje of schrift waarin ik mijn gedachtenspinsels, wat kernwoorden voor een verhaal of andere dingetjes noteer. Zelfs mijn telefoon gebruik ik hiervoor, Soms wat tekst ondersteund door een fotootje om de kern van mijn verhaal vast te leggen.

Maar verbazing, dat is wat mij de laatste tijd bezighield en nog steeds overheerst. Verbazing over het feit dat we toch weer onverwacht de nodige dagen in Frankrijk mochten doorbrengen.

Verbazing over de rijkunsten van met name de Fransen, hoe zij zonder enige gêne hun auto op een parkeerplek proppen zonder hiervoor een schoenlepel te gebruiken.

Verbazing over de gevaarlijke rijkunsten van sommige Fransen die, terwijl je met 100 km/u als laatste wagen in een rij van  8 wagens over een route national met tegenliggers rijdt, er een Fransman waarschijnlijk dacht: ‘Hmmm, ik wil er langs. Goh, 8 auto’s die ik moet inhalen. Ach als ik de auto er tussen druk gaan ze wel om. Gewoon tussen drukken”. Het knipperlicht ging aan. De auto komt bij mij langszij en klapt met 100 km/u tegen een tegenligger. Dan zit de schrik er wel goed in. En dan wederom verbazing, verbazing dat wij er heelhuids zijn afgekomen.

Verbazing over de bouwkunst van meneer Eiffel. Hoe deze man met niet alledaagse technieken een toren bouwt die tot op de dag van vandaag de stad Parijs kenmerkt en voorziet van inkomsten.

Verbazing over een Engelsman, of eigenlijk een 5 jarig Engels meisje bij het lokale bakkertje. Niet zozeer dat zij Engelsen zijn maar wat er gebeurde. Als de vader tegen het meisje zegt: “Hit it girl. It’s up to you if we have breakfast today.” Mijn hart breekt als ik de kleine meid hoor zeggen: “Bonjour madame. Je voudrais trois croissants, deux pain au chocolat et un baguet ’s il vous plait. Did I say it well dad?”

Verbazing over het glooiende landschap de rust, de stilte waarbij je uitsluitend het ruisen van de bomen om je heen hoort. De ruimte om je heen. Het geweldig knusse huis a la campagne, waar je van alle dagelijkse zaken als internet en televisie verstoken bent, heerlijk. Gewoon weer helemaal tot jezelf komen.

En verbazing bij thuiskomst: over de benauwdheid van het dicht op elkaar wonen. Overhet geschreeuw en het geluid dat je overal hoort, OVERAL!

Ik wil terug!!!!!