Ergernis

Even tussen twee opdrachten in heb ik weer tijd om na te denken. Echter mijn gedachten gaan naar ergernissen. Niet goed dacht ik nog, maar het overkomt mij gewoon.

Samen met Beer, onze ruwhaar Teckel, loop ik door het parkje bij ons in de wijk. Al snuffelend baant Beer zich een weg door het hoge gras. Na plasnummer 34 sommeer ik hem weer te volgen; we gaan weer op huis aan. Achter mij klinkt een fietsbel. Aangezien er geen fietspad is en ik op het voetpad loop schenk ik er eigenlijk geen aandacht aan. In gedachten verzonken wandel ik verder. Nu klinkt de fietsbel alweer, alleen nu erg dichtbij. “He joh, ga eens aan de kant!” Ik schrik op uit mijn gedachten. Een vrouw op een fiets kijkt mij woest aan. Als ik haar vertel dat ik op dit voetpad geen voorrang hoef te geven aan auto’s, brommers en fietsers, simpelweg omdat die hier verboden zijn word ik uitgemaakt voor alles wat mooi en lelijk is. De vrouw passeert slingerend over het gras en raakt mij net niet.

Een dag later rijd ik met mijn witte bestelwagentje de wijk uit op weg naar een afspraak. De weg met fietspaden en trottoirs aan beide kanten van de weg is best breed. Bij de kruising geef ik aan linksaf te zullen slaan. Geen fietsers of brommers van links. Rustig maak ik aanstalte om op te trekken en linksaf te gaan. Haastig zet een vrouw aan om aan de verkeerde kant van de weg nog snel even voorlangs te schieten. Bijna ligt ze op de motorkap. Als ik het raampje naar beneden laat zakken krijg ik geeneens kans om de vrouw aan te spreken want direct komt er een scheldkanonnade op mij af met woorden als: ‘ik kom van rechts’, ‘voorrang’ en ‘opletten’ en dat soort dingen. Als ik aangeef dat zij nergens recht op heeft omdat zij aan de verkeerde kant van de weg fiets krijg ik te horen wat ik volgens haar ben: lul, klootzak, teringlijer, zijn wel de meest gebruikte woorden.

Op weg naar een afspraak in Den Haag rijd ik op de snelweg. Rijdend op de rechter baan nader ik een auto die langzamer rijd. Mijn knipperlicht doe ik aan en haal in. Op het moment dat ik naast de langzamere auto rijd komt deze zonder richting aan te geven naar links. En bijna, bijna volgt er een aanrijding. Als ik naar rechts kijk en de man zijn porem zie krijg ik ‘de middelvinger’. Ik ga er gemakshalve maar van uit dat hij bedoelt dat ik nummer 1 ben. In Den Haag aangekomen valt het mij op dat er maar weinig automobilisten hun richtingaanwijzer gebruiken. Die dingen zitten er toch niet voor niets op?

In het weekend. Op weg naar de hondentrainingen in Ulvenhout rijd ik nadat ik door Ulvenhout-dorp gereden ben de bossen in naar de trainingslocatie. Aan beide kanten van de weg liggen er geasfalteerde fietspaden. Voor de grote groep wielrenners voor mij is dat geen optie. Want daar kun je niet met vijven naast elkaar hard door fietsen. Als ik achterop de groep rijd en even de claxon gebruik weigeren ze om maar een milimeter opzij te gaan. Na nogmaals toeteren zie ik geen enkele medewerking. Met de auto helemaal links van de weg en half door de berm rijdend passeer ik toch. Ik ga wat langzamer rijden en ‘schuif’ de groep langzaam maar zeker aan de kant. Als je alle vloeken weglaat is er eigenlijk niets naar mij geroepen.

Na een drukke dag werken en de nodige tijd in de file doorgebracht te hebben kom ik eindelijk bij ons thuis de straat in rijden. Nergens ook maar kans om de auto bij ons in de straat te parkeren, laat staan ergens in de buurt van de voordeur. 3 of 4 auto’s per huishouden, caravans en een aauhanger zorgen ervoor dat ik een straat verder mijn auto kwijt kan. Ons huishouden telt 1 auto. Niemand die daar rekening mee houdt. Dat is men ook niet verplicht, maar lijkt mij een gevalletje ‘goed fatsoen’.

Nog zoiets: mijn boeken verkopen redelijk. Ik zal er nooit rijk van worden, maar dat was in het beginsel ook niet de opzet. ‘Jaarlijks aan het einde van het eerste kwartaal” zo staat vermeld in het contract met de uitgeverij, ‘worden de royalty’s aan de auteur overgemaakt’. Een goed lezer weet dan dat dat eind maart is. In de maand juni voor de derde keer op rij werden er geen royalty’s uitbetaald. Toch maar even een e-mail verstuurd, ze zullen het druk hebben. Na twee weken nog geen antwoord. Ik volhard in het goede en stuur nogmaals een e-mail met mijn vraag “Joehoe, waar blijven mijn royalty’s?”. Na weken nog steeds geen reactie. Dan begint het aardig te broeden, te woekeren. Ik pak de telefoon en bel. Volgens de dame die ik aan de telefoon krijg komt dat door het nieuwe systeem wat ze hebben. Als ik vraag of zij elk jaar een nieuw systeem hebben (dit heb ik al drie achtereenvolgende jaren als excuus gehoord) wordt er direct gemeld dat de collega van de administratie op deze dag niet werkt.”mag mijn collega u terugbellen?” Natuurlijk mag dat, alleen gebeurt dat nooit. En inderdaad er gaat weer een week overheen en ineens als een soort Godswonder zijn de royalty’s gestort. Ik was blij en verrast, geen antwoorden op mijn e-mails, niet teruggebeld en zomaar, ineens HET BEDRAG gestort.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s