Prozacpraat

Och daar heb ik zo’n hekel aan; mensen die komen vertellen over hun mislukte leven. “Och er waren maanden bij dat ik nog geen honderste deel van de Balkenendenorm verdiende, maar nu wil ik mijn leven weer oppakken. Maar ja, dat valt echt niet mee hoor. En ik ben nog een tijd ziek geweest en…”. Verhalen die maar door en door gaan. Prozacpraat noem ik dat. Vertel iets leuks of boeiends. Wees positief. Als je positief bent werkt dat als een steentje wat je in het water gooit. De kringen om het steentje in het water breiden steeds verder uit. Mensen praten liever met iemand die positief is, dat is een feit.

Onzekere types kom ik ook tegen. Tijdens een netwerkbijeenkomst begint een man spontaan over zijn producten te praten. Producten die goed zijn voor de gezondheid. Het product is goed voor hamertenen. Je gaat er beter door zien. Het is goed voor een doorbloede lever. Het is goed voor de stoelgang. Het is goed voor migraine, of juist tegen. Het is een perfect middel voor zenuwpezen. Het middel helpt ook tegen vervelende schoonmoeders. Het houdt katten uit de tuin. Het ideale product. Maar waar het echt goed voor is: afvallen. Ik kijk de man strak aan en frons een wenkbrauw, voor de rest niets. De man wordt rood in het gelaat en maakt duizend excuses, dat hij het zo niet bedoelde. Ik zeg nog steeds niets, kennelijk zegt mijn gelaatsuitdrukking voldoende. De man druipt langzaam af.

Maar soms denk ik dat ik te ouderwets ben of juist te vooruitstrevend. In ieder geval klopte een en ander niet met mijn beeldvorming. Laatst kwam ik iemand tegen en raakte met de man in gesprek. Hij vertelde met horten en stoten over zijn activiteiten. Hij was freelancer, in wat werd mij niet meteen duidelijk. Ik kreeg een visitekaartje in mijn handen geduwd. Een ‘prefabkaartje’, zo’n kaartje die volgens een bepaalde template bij de drukker klaar ligt. Een aantal dingen vielen mij direct op: er stond geen website vermeld. Dat was volgens de man niet nodig, want hij was tenslotte freelancer. Nog steeds wist ik niet in welke branche hij actief was. Maar goed, een plaatsnaam stond ook niet op het visitekaartje vermeld, wel een adres. Op mijn vraag wat de plaats was waar hij zijn activiteiten uitvoerde kreeg ik een verontwaardigd antwoord: “Rotterdam!”  “Maar waarom staat de plaatsnaam er niet bij”; vroeg ik nog. “Iedereen kent die straat!” Ik antwoordde dat ik die straat echt niet kende. “Bij die hoge flats”; antwoordde hij nog verontwaardigder. Nu staan er ook erg weinig flats in Rotterdam, NOT.

Waar mijn oog ook opviel was de functie van de man. Hij was ridder. Op mijn visitekaartje staat geen functie tenslotte voer ik alle werkzaamheden alleen uit. Zo ben ik koffiejuffrouw, schoonmaker, administrateur, directeur en wat er nog meer aan functies te bedenken zijn. Bij mij staat er gewoon Jan Brand, verder niets. Geen functie. Bij de man’s visitekaartje verwachtte ik de functie: freelancer, maar er prijkte in grotere letters dan zijn naam ‘RIDDER IN DE ORDE VAN ORANJENASSAU”. Zou die man ook een paard hebben vraag ik mij dan af.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s