Jij

Ik voel je om mij heen;

niet wetend of dat kan;

maar zo duidelijk, dat ik meen;

’t is zo bijzonder mam.

 

Ik voel je om mij heen;

je bent er nog voor mij.

Toch mis ik je elke dag;

dat gaat niet meer voorbij.

 

Ik voel je om mij heen,

als een zucht, een bries misschien.

Ik hou van je,

al kan ik je niet meer zien.

Rare mensen

Terugdenkend aan een mooie reis naar Indonesië schieten er wat herinneringen door mijn hoofd. Een week hebben we een rondreis gemaakt en een week een strandvakantie. Tijdens die rondreis hoor je ook wel eens wat dingen waarvan mijn gedachten met mij aan de haal gaan. Bijvoorbeeld van het echtpaar wat achter ons in de bus zat en rijdend langs een rijstveld dat de vrouw achter ons tegen haar man zegt: “Zo, dat is een gevaarlijke berm!” Naar buiten starend zie ik dat ‘gevaarlijke’ niet zo of er moet bedoeld worden dat er gecamoufleerde militairen verstopt zitten of dat er valkuilen in de berm zitten. Maar goed.

De tweede week was zo heerlijk ontspannend met af en toe een ergernis. Zo kan ik mij druk maken over de oude Australische vrouw, 125 jaar oud zo aan de rimpels te zien, die de kok afblafte tijdens het ontbijtbuffet. Het was al vroeg warm en het ontbijtbuffet was opgesteld in een grote bamboe eetzaal zonder muren met alleen een dak. De vrouw snauwde tegen de kok: “I want a scrambled egg without any salt on it! DO YOU HEAR ME? NO SALT ON IT! I am going to fetch some saucerges and then the egg MUST BE READY when I return! You hear me?” Ik kan hier heel slecht tegen.

Vlak voor het boarden voor de terugvlucht wipte ik gauw nog even de toiletten binnen. Op een rij stonden een aantal heren voor de urinoirs. Niets bijzonders, die moesten net als ik een plas doen. Echter een Aziatische man van rond de 35 stond daar met zijn broek en onderbroek op zijn knieën te plassen. Hij pingelde de laatste druppel van zijn geval en maakte aanstalte om zijn broek weer op te hijsen. Ik kreeg heel sterk de nijging om naar hem toe te lopen en hem te helpen zijn broek op te hijsen. Je bent tenslotte een opa of niet?

Komkommertijd of vakantieperiode

De Tour-de-France is voorbij. Voor mijn gevoel dreig ik nu in een gapend gat te vallen, ik luisterde of keek elke dag. Boeiend vind ik de etappes, de omgeving waar gefietst wordt, maar bovenal de uitspraken van de commentatoren Maarten Ducrot en Herbert Dijkstra. De betekenissen ontgaan mij in ieder geval vrij vaak. Ik noem er maar even een paar voor de beeldvorming:

  • ‘Bij kilometer 9 zal hij alle duivels los moeten laten’;
  • ‘Hij heeft zijn benen weer gevonden’;
  • ‘Hij heeft zijn 2e leven gevonden’;
  • ‘Hij is de meubelen aan het redden’;
  • ‘Hij zit nu echt te preluderen’;
  • ‘Hij heeft de kussens wel opgeschud’;
  • ‘Die gast rijdt met zijn platte bek in een bontjas’;
  • ‘Hij rijdt in de chasse-patat’;
  • ‘Het peloton begint nu te vibreren’;
  • ‘Ze gaan nu uitbollen’;
  • ‘Ze zijn nogal druistig gestart’;
  • ‘Hij snokt nog 1 keer’;
  • ‘Hij zit achterstevoren op de fiets’;
  • ‘Ze zetten het even op de kant’.

Zomaar wat uitspraken waardoor het voor mij extra levendig werd. Nu is het weer komkommertijd. Ik merk dat als ik bedrijven bel en de contactpersonen zijn met vakantie of kunnen niets afspreken omdat collega’s met vakantie zijn. Ik merk het ook in de straat; caravans nog net niet in rijtjes geparkeerd van buren die met vakantie gaan. Bij de een staat de caravan een maand lang voor de deur met een groot verlengsnoer richting caravan, de ander haalt de caravan en is de volgende dag vertrokken. Weer bij andere buren zie ik dat de dakkoffer op de auto gemonteerd wordt. Als je dan bedenkt dat zij over twee weken pas vertrekken dan snap ik de haast met het monteren van de dakkoffer niet. Van een buurman zag ik dat ie aanstalten maakte om te vertrekken. Gekleed in bermuda broek liepen man en vrouw om en in de caravan. Allerlei spullen werden naar de auto gedragen. Aan de spullen die in de auto en caravan verdwenen ziet het er naar uit dat ze 4 maanden wegblijven. Zelfs de boodschappen moeten mee; aardappelen, macaroni zie ik in een tas zitten. Dan zullen er op de plaats van bestemming vast geen supermarkten en overige winkels zijn. Ik schat zo in dat ze naar IJsland gaan met de caravan. Ik zie tenslotte ook allerlei drijfdingen die aan de binnenkant op strategische plaatsen van de auto worden  gepositioneerd. Och, voor de oversteek over water natuurlijk. Extreem survival-kamperen!

Ze gaan! De man koppelt de caravan vast aan de auto. Nee, ze gaan niet. Man en vrouw gaan weer naar binnen. Vanavond vertrekken ze waarschijnlijk. Ook niet! De volgende dag blijft de caravan achter de auto gekoppeld. Lijkt mij lastig als je nog even snel naar de winkel moet als die caravan er al achter hangt. En ook deze dag vertrekken ze niet. Dus al 2 dagen hangt de caravan er achter. Dan ineens verschijnt de man met opzetspiegels. Dit van die spiegels had ik kunnen weten, maar als je blij bent dat mensen weggaan ben ik niet zo’n kniesoor die let ik op die kleine details. Zo de spiegels zitten erop. En weer verdwijnen ze naar binnen. Een uur, twee uur blijft de deur gesloten. Maar dan verschijnen de kinderen, tieners ten tonele. Ze gaan in de voortuin op het bankje zitten. Elk moment zullen ze wel vertrekken denk ik. Maar nee hoor, pa en moe laten zich nog niet zien. Als ik na een uurtje of twee tijdens het maken van een kop koffie naar buiten kijk is de caravan er nog, maar zijn de kinderen weer weg. Pfff. Maar zonder ook maar enige waarschuwing of op een andere subtiele manier mij laten weten dat ze weggaan zijn ze ineens met auto en caravan verdwenen. Ben benieuwd of ze na het lange weekend nog terugkomen of dat het echt 4 maanden is dat ze wegblijven.

De jeugd van tegenwoordig

Laatst werd ik op de stoep bijna aangereden door een kind van rond een jaar of zes op een fietsje. Pa fietste op straat en het kind op de stoep. Pa vond het kind te klein om naast hem, aan de binnenkant, op straat te fietsen. Mij bijna onderste boven rijdend op de stoep. “Jij moet uitkijken, jij bent tenslotte volwassene.” Even later zie ik een moeder met kind samen op de fiets richting school rijden. Moeder een eind vooruit, het kind een meter of tien er achteraan. Moeder steekt over, en dat terwijl er een auto van rechts aan komt rijden. Het kind rijdt zowat blind achter moeder aan zonder ook maar op of om te kijken. De auto moet vol in de remmen om het kind niet te lanceren.

Tegenwoordig moeten we dit allemaal maar normaal vinden. De kinderen krijgen hele andere voorbeelden hoe ze zich waar dan ook dienen te gedragen. Iemand gewoon en netjes groeten op een verjaardag is er tegenwoordig niet meer bij. ‘Ach ja, ze zijn nog jong he?’of ‘Ze is ook zo verlegen’. Tegenwoordig heten de kinderen allemaal May, June, Lente, Zomer, Merel of Vlinder, en ze mogen alles! Als je daar iets van zegt dan blijkt het kind er niets aan te kunnen doen want ze hebben ABCD, LSD, zijn hypersensitief, eten slecht, maar drinken dan weer tarwesmoothies met banaan en lijnzaad. Vroeger had je een druk kind, nu heeft het last van zaken die ik zonet beschreef. En we corrigeren die kinderen niet. Ben je gek en dan een onhandelbaar kind liggend op de grond en om zich heen schoppend weer tot kalmte manen? We laten het gewoon lekker zo. Die ouders, hebben geen ruggengraat! Gewoon optreden en grenzen stellen. MOET JE EENS KIJKEN HOE SNEL DIE KINDEREN OPKNAPPEN!

Ja, ik ben gek op kinderen…..als ze goed opgevoed zijn.

Verbouwen

Met de laatste kleine klusjes op mijn lijstje krijgt mijn jaren ’50-kantoor steeds meer de industriële uitstraling die ik voor ogen had. Het gevoel en de sfeer die mijn kantoor uitstraalt wanneer ik achter mijn bureau zit terwijl ik lekker aan het werk ben zijn perfect te noemen. Met regelmaat struinde ik internet af naar een olielamp, een industriële antieke fabriekslamp, een krukje, een oude radio of andere items om de sfeer nog beter te benadrukken. En natuurlijk ook was de gang naar een bouwmarkt noodzakelijk om het kantoor verder af te maken. Bij ons in de buurt is er in de buurt een echte mega-bouwmarkt. Het is er ook altijd druk. Het assortiment wat aangeboden wordt is er ook mega, zo ook het personeel. Echt veel personeel loopt er rond. Wel af en toe personeel dat, als ik er verantwoordelijk zou zijn, er toch iets anders bij zou lopen en zich anders zou gedragen. Achter een van de kassa’s zat een jonge vrouw, van top tot teen onder de tatoeages. Tot op haar hoofd aan toe. Natuurlijk zegt dit niets over haar kwaliteiten als caissière, maar het oog wil ook wat. Ook valt mij op dat ze bij haar polsen flink wat snijwond-littekens heeft. En ook dit zegt weer niks, maar ik verbond er toch ongemerkt een oordeel aan. Ik wandelde verder door naar de houtafdeling voor wat planken. Terwijl ik aan het zoeken was riep de natuur mij en moest ik een plas maken. Grote bouwmarkt, tja en dan ook druk bij de toiletten. Bij de damestoiletten stond zelfs een rij. Vlak voor mij liepen twee stevige bouwmarkt-medewerkers, ik schat beiden op 0,12 ton, richting de heren toiletten. De een stekeltjes, de broek half op de kont, de ander lang haar met aan de zijkant van het hoofd de boel kaal geschoren. Even kijken ze naar de rij bij de damestoiletten. Met een stem als ware zij degene die de Gauloise-sigarettenfabriek stevig sponsorde: “He Son, mij te druk ik ga even bij de heren”. “Prima Alie, ik ga met je mee!” Ik vind daar wat van. Mijn gedachten gaan dan met mij aan de haal. Ik stel mij dan dingen voor die er waarschijnlijk niet zijn, maar ik schrijf ze hier even.

Terwijl de dames richting heren toilet lopen verwachtte ik eigenlijk dat zij naar de wc-potten zouden gaan, maar beide dames liepen in een ruk naar de urinoirs. Beiden haalde een plastuit uit de kontzak. Met elk een hand bij de schaamstreek en een arm over de schaamschotten stonden ze te plassen. Ik hoorde het gesprek aan: “Ben je al klaar met het vullen van het rek met 1/2 duimse pijp?” “Nee joh Son, ik heb een breuk in mijn schaamlip. Ja joh, opgelopen bij het stapelen van die zakken betonmortel”. Sonja keek de man naast haar urinoir aan en bitst hem toe: “He lul, hou je eigen plastuit vast ja!” En ze vervolgde haar gesprek met Alie: “Ja joh, hij blijft openhangen.”

Ik vraag mij dan ook af of zij na einde werktijd hun bezem starten om naar huis te gaan of dat zij zich zouden omkleden volledig in het zwart.

APK

Zoals door de RDW per brief aangegeven is het vandaag tijd voor de APK van mijn Nemo bestelwagentje. Een afspraak bij mijn garage heb ik een week geleden hiervoor gemaakt. Nadat ik de auto gebracht heb en net thuis aan een bakkie koffie in de tuin zit word ik door de garage gebeld: “Hallo Jan, de APK zal geen problemen opleveren nadat we de massa-storing van de achterlichten hebben verholpen”. “Mooi zo”; zeg ik nog. Maar op mijn reactie krijg ik gelijk nog even een opsomming wat er nog meer mis is met mijn bestelhobbeltje: ruitenwissers, distributieriem, kleine beurt moet echt een grote beurt worden want het luchtfilter zit zowat volledig verstopt. En oh ja, houdt er ook rekening mee dat binnen een aantal maanden de versnellingsbak aan vernieuwing toe is, want de lagers zijn goed te horen.

Ik ben blij met de monteurs van deze garage. Het zijn echt vaklui, maar toch op een of andere manier gaat mijn verstand met de werkelijkheid op de loop. Terwijl ik de monteur aan de telefoon heb glijden mijn gedachten weg. Het gaat ongeveer zo:

“Hallo Jan, de APK zal geen problemen opleveren nadat we de massa-storing van de achterlichten hebben verholpen”. “Mooi zo”; zeg ik nog. Maar op mijn reactie krijg ik gelijk nog even een opsomming wat er nog meer gedaan is. ruitenwissers, distributieriem, kleine beurt moet echt een grote beurt worden want het luchtfilter zit zowat volledig verstopt. En oh ja, houdt er ook rekening mee dat binnen een aantal maanden de versnellingsbak aan vernieuwing toe is want de lagers zijn goed te horen. We hebben ook gelijk maar een zwaailicht op het dak gemonteerd want we zagen het bordje met faunabeheer onderaan de voorruit. Wel zo handig een zwaailicht. Tevens hebben we een aanhanger voor je besteld, want het betreft wel een kleine bestelauto waar je in rijdt. En zo kun je toch meer kwijt met een aanhangwagen erachter. Ook hebben we van je diesel een elektrische versie gemaakt. We zijn tenslotte goed voor het milieu. Daar komt bij dat we voor je huis gelijk 10 zonnepanelen hebben besteld zodat het opladen van de accu’s van je Nemo niet direct in de papieren lopen. En och, bijna vergeten; we hebben gelijk de adoptiepapieren voor je in orde gemaakt. Je krijgt nog een nakomertje. Je lijkt mij zo’n leuke vader”.

En bedankt!

In voor- en tegenwind

Inmiddels praat ze de oren van je hoofd. Ze loopt en rent de kamer door. Ze heeft uitspraken als: “Opa,…pakken….hop-paardje-hop….nou, toe dan!” Mijn prinsesje! Anderhalf is ze nu. En doordat ze lekker de wereld wil verkennen kwamen mijn dochter en schoonzoon erachter dat haar linker handje minder dominant gebruikt werd. Zo ook tijdens het lopen merkten we dat ze met haar linker beentje ze geen echte stap vooruit zette, maar haar voet bijhaalde en met haar rechtervoet een stap voorwaarts zette. Direct hebben dochter en schoonzoon een kinder-fysiotherapeut ingeschakeld om te kijken of dit te verhelpen was. Mijn kleindochter heeft er totaal geen weet van. Ze behelpt zich met de mogelijkheden die zij heeft. Dat betekent ook rennen op haar eigen manier. Als ze wegrent zegt ze vooraf zelf al: “Nee, hier blijven!” en hop weg is ze.

Toch maakte ik mij zorgen. Haar linker arm en handje en zo ook haar linker beentje en voetje werken niet helemaal mee. Dat duidt op iets. Wat wist ik nog niet. Natuurlijk heb je dan een vermoeden, maar ik ben geen arts. Dochter en schoonzoon waren kind aan huis bij het Sophia Kinderziekenhuis. Overleg met een neuroloog, overleg met een internist, weer een andere arts. Uiteindelijk is een een MRI-scan gemaakt waarbij gisteren de uitslag binnenkwam. Ja, bij mij kwam die wel even binnen. Ze heeft aan de rechterkant van haar hersenen een klein wit vlekje daar waar haar motoriek-centrum zit. Dat witte vlekje duidt op littekenweefsel. Een littekentje omdat zij voor, tijdens of vlak na de bevalling een klein hersenbloedinkje heeft gehad. Domme pech had de arts gezegd. Maar, ze heeft enorm veel aan de fysiotherapie. Wij zien ook grote stappen vooruit. Ze gebruik meer en meer op de juiste manier haar handje en ze loopt al wat ‘lekkerder’ door de kamer. En maar zingen, die kleine meid. Ik werd door haar geroepen: “Opa,…boekje lezen?” “Tuurlijk lieverd”; antwoordde ik. En daar kwam ze met Dikkie Dik aanlopen. In plaats van dat ik voor mocht lezen deed zij het voor mij: “En Dikkie Dik, hezze hubbel gedaan. Ennuh, hij dee ook van sop meh die tegen”. Geen idee wat ze vertelde, maar het klonk fascinerend. Een heerlijke meid, mijn kleine prinsesje.